Dossiers

Discriminatiebestrijding

Discriminatie in rechterlijke macht onacceptabel

De Samenwerkingsverbanden van het Landelijk Overleg Minderheden (LOM) zijn geschrokken van de resultaten van een onderzoek waaruit blijkt dat verdachten met een 'buitenlands uiterlijk' die de Nederlandse taal spreken een ruim vijf keer zo grote kans lopen om te worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan daders met een Nederlands uiterlijk die ook de Nederlandse taal spreken. Voor verdachten die de Nederlandse taal niet machtig zijn is die kans maar liefst twintig keer zo hoog. De LOM-samenwerkingsverbanden vinden deze discriminatie in de rechterlijke macht volstrekt onacceptabel. In een brief aan minister Opstelten vragen zij hem onomwonden afstand te nemen van deze discriminerende praktijken en gepaste maatregelen te treffen.

 

Onlangs verscheen in het Nederlands Juristenblad het artikel 'Verschillen in straftoemeting in soortgelijke zaken'[1]. Het artikel doet verslag van een onderzoek naar de vraag of specifieke kenmerken van een verdachte als een al dan niet Nederlands uiterlijk en het al dan niet spreken van de Nederlandse taal een rol spelen bij het bepalen van de straf die door rechters wordt opgelegd.

 

Uit dit onderzoek blijkt onder andere dat:

1. Daders met een 'buitenlands uiterlijk' die de Nederlandse taal spreken een ruim vijf keer zo hoge kans lopen om te worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan daders met een Nederlands uiterlijk die ook de Nederlandse taal spreken. 

2. Daders met een 'buitenlands uiterlijk' die niet de Nederlandse taal spreken een twintig keer zo hoge kans lopen om te worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf dan daders met een Nederlands uiterlijk die ook de Nederlandse taal spreken.

 

Hoewel de variabelen als etniciteit en nationaliteit niet in dit onderzoek zijn meegenomen, ligt het voor de hand dat het bij daders met een 'buitenlands uiterlijk' gaat om verdachten afkomstig uit etnische minderheidsgroepen, met al dan niet de Nederlandse nationaliteit.

Dit wijst erop dat rechters zich bij de straftoemeting aan verdachten - ook aan die de Nederlandse taal machtig zijn  - laten leiden door negatieve stereotypering en hierbij dus sprake is van ongelijke behandeling en discriminatie.

 

De LOM-samenwerkingsverbanden zijn geschrokken van de resultaten van het onderzoek. Die wijzen erop dat Vrouwe Justitia niet zo blind is voor verschillen in huidskleur, afkomst en herkomst als zou moeten. Daarmee wordt het vertrouwen van burgers in de rechtspraak en rechtsstaat ten diepste aangetast.

Voor de LOM-samenwerkingsverbanden is deze discriminatie in de rechterlijke macht volstrekt onacceptabel. In een brief aan minister Opstelten vragen zij hem onomwonden afstand te nemen van deze discriminerende praktijken, gepaste maatregelen te treffen en op korte termijn met hen overleg te voeren.

 

[1]'Verschillen in straftoemeting in soortgelijke zaken. Een kwantitatief onderzoek naar de rol van specifieke kenmerken van de dader', Hilde Wermink, Jan de Keijser en Pauline Schuyt, Nederlands Juristenblad, 16-03-2012, Afl. 11, blz. 726-733 

Hoge jeugdwerkloosheid staat integratie in de weg

Aanpak discriminatie moet speerpunt worden

 

Bijna een kwart van de jongeren uit de etnische minderheidsgroepen is werkloos, zo staat vermeld in het SCP Jaarrapport Integratie 2011, dat vandaag is verschenen. Het SCP en recente onderzoeken verklaren wederom dat discriminatie van werkgevers en uitzendbureaus een belangrijke verklarende factor is . De LOM-samenwerkingsverbanden zijn van mening dat de aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie een speerpunt moet worden van het kabinet. Met een zo hoge werkloosheid komt van integratie niet veel terecht. De LOM-samenwerkingsverbanden spreken het kabinet en de Tweede Kamer erop aan dat zij zich niet langer afzijdig mogen houden.

 

Het geeft te denken dat een verbetering van het opleidingsniveau van jongeren uit de etnische minderheidsgroepen niet heeft geleid tot een daling in het werkloosheidsverschil met autochtone jongeren. Ook het Actieplan Jeugdwerkloosheid heeft dit niet kunnen realiseren. Een actieve inzet van werkgevers om leerwerkplekken en stages beschikbaar te stellen moet de bestrijding van rassendiscriminatie ondersteunen. De SER heeft hier meerdere malen voor gepleit . Het ligt voor de hand hierbij te focussen op de tekortsectoren zoals zorg en techniek.
Het is goed om in dit kader te benadrukken dat diverse onderzoeken van het SCP en de RWI hebben aangetoond dat niet-westerse migranten over een sterk arbeidsethos beschikken . Werkgevers moeten juist nú gebruik maken van de deskundigheid, kwaliteit en motivatie van etnische minderheden. De LOM-samenwerkingsverbanden ondersteunen de aanbeveling van de Europese Commissie richting de Lidstaten om ten aanzien van migranten een actief arbeidsmarktbeleid te voeren en bijzondere aandacht te besteden aan specifieke behoeften van kwetsbare groepen migranten . Het is een uitdaging voor dit kabinet en alle andere partijen om dit te vertalen binnen de kaders van algemeen generiek beleid, waarin 'niet de afkomst maar de toekomst' moet gelden'.

 

De bestrijding van rassendiscriminatie is tevens van belang voor de toekomstige generaties. De LOM-samenwerkingsverbanden zijn geschokt vanwege het feit dat bijna een kwart van de niet-westerse kinderen (0-14 jaar) onder de armoedegrens leven. Dat is onaanvaardbaar. Het vergroten van de toegang tot de arbeidsmarkt voor werkzoekenden uit de etnische minderheidsgroepen heeft uiteindelijk ook een positief effect op de kinderen.

 

Ook op andere terreinen kan het integratiebeleid niet slechts overgelaten worden aan 'eigen verantwoordelijkheid' van de migranten. Binnen het onderwijs moet onderwijssegregatie en onder-advisering worden aangepakt, cultuur sensitieve IQ-tests zo spoedig mogelijk worden ingevoerd en de ouderbetrokkenheid worden vergroot. De aanpak van criminaliteit en recidive is gebaat bij het vergroten van de pakkans, resocialisatie in detentie en zero tolerance ten aanzien van drugs- en wapenhandel. Ook hier is het etnisch profileren een aandachtspunt. Het nieuwe Mensenrechteninstituut heeft ons inziens een belangrijke taak om middels mensenrechteneducatie deze praktijk van 'selectief rechercheren' bij politie en justitie te minimaliseren.

“Geen rol voor overheid bij aanpak discriminatie uitzendbureaus”

De overheid ziet geen rol in de bestrijding van discriminatie door uitzendbureaus. Volgens staatssecretaris De Krom (SZW) is deze de eigen verantwoordelijkheid van werkgevers en werknemers. Ook de etnische minderheden zélf hebben hierin een eigen verantwoordelijkheid, zo zei de staatssecretaris op een overleg met de belangenverenigingen in de uitzendbranche ABU/NBBU en de samenwerkingsverbanden van het Landelijk Overleg Minderheden (LOM) hedenochtend.


76% uitzendbureaus honoreert discriminatieverzoek werkgevers
Het overleg vond plaats naar aanleiding van twee recente onderzoeken naar het honoreren van discriminatieverzoeken van werkgevers door uitzendbureaus. Uit deze onderzoeken blijkt dat 76% van de uitzendbureaus een discriminatieverzoek van de werkgever inwilligen.

 

'Anti-discriminatiecode'
De uitzendbranche is voornemens te komen met een 'anti-discriminatiecode' in de Stichting Normering Arbeid (SNA). Bedrijven moeten zich aan het discriminatieverbod houden om het keurmerk te behouden. Ook wil de uitzendbranche de eigen gedragsregels nog eens onder de aandacht te brengen onder hun leden, 'steekproeven' houden, 'mystery guests' inzetten en 'weerbaarheidstrainingen voor intercedenten' organiseren, ook in samenwerking met de LOM-partners.

 

Publiceer lijst discriminerende werkgevers en uitzendbureaus
Mochten de maatregelen die de uitzendbranche heeft voorgesteld op termijn geen effect sorteren, dan zijn de LOM-samenwerkingsverbanden voornemens om zélf een lijst met discriminerende werkgevers en uitzendbureaus aan te leggen en te publiceren. Volgens de minderhedenorganisaties is een dergelijke actie noodzakelijk om een mensenrechtenschending aan te pakken die nu al decennia voortduurt.

 

Discriminatie niet te bewijzen; gevolgen verstrekkend
Het probleem voor de werkzoekenden uit de etnische minderheidsgroepen is dat deze vormen van discriminatie niet te bewijzen zijn. Het indienen van een klacht bij een Antidiscriminatiebureau of de Commissie Gelijke Behandeling (CGB) heeft daardoor weinig kans van slagen. De gevolgen van arbeidsmarktdiscriminatie – uitsluiting, werkloosheid, armoede, gedragsproblematiek door onderwaardering – hebben niettemin een effect op de gehele Nederlandse samenleving.

 

Rol voor Inspectie-SZW; LOM-oproep eigen divers werknemersbestand
De LOM-samenwerkingsverbanden vinden dat de nieuwe Inspectie-SZW van het ministerie ook een rol moet hebben in de aanpak van discriminerende uitzendbureaus en werkgevers, net zoals deze Inspectie de aanpak van malafide uitzendbureaus als speerpunt heeft. Staatssecretaris De Krom is niettemin slechts bereid een signaal af te geven dat 'discriminatie niet mag'. Dat wil hij onder meer doen om een diversiteitssymposium, die de LOM-samenwerkingsverbanden hebben aangekondigd te organiseren. In het kader van 'eigen verantwoordelijkheid nemen' willen de minderhedenorganisaties ook een oproep doen aan werkgevers uit hun eigen achterban om een zo divers mogelijk werknemersbestand samen te stellen.

 

Hoorzitting
Op 25 januari vindt een hoorzitting plaats in de Tweede Kamer over arbeidsmarktdiscriminatie; in februari vervolgens vindt een Algemeen Overleg plaats met de staatssecretaris.

Aanscherping Actieprogramma Bestrijding Discriminatie

In een brief aan de Commissie voor Veiligheid en Justitie van de Tweede Kamer roept het SMN op tot aanscherping van de maatregelen in het Actieprogramma "Bestrijding van discriminatie"

Weinig aandacht voor weggepeste allochtone Nederlanders

Het Samenwerkingsverband van Marokkaanse Nederlanders, SMN is geschokt dat uit onderzoek van de Landelijke Branchevereniging van Antidiscriminatiebureaus (LBA) blijkt dat 60% van de mensen die weggepest worden op basis is van hun afkomst. In 12% van de gevallen betreft het mensen vanwege hun seksuele geaardheid. Het Samenwerkingsverband van Marokkaanse Nederlanders (SMN) vindt het schokkend dat honderden mensen in Nederland uit hun buurten worden weggepest.

 

Het SMN vindt het absoluut verwerpelijk dat burgers, dus ook homoseksuelen, worden gediscrimineerd danwel weggepest. Het is goed dat het kabinet veel aandacht heeft voor de emancipatie van homoseksuelen en anti homogeweld. Homogeweld hoort niet thuis in onze samenleving. Met het programma 'Bespreekbaar maken van homoseksualiteit in Marokkaanse kring' draagt het SMN al jaren bij aan het bespreekbaar maken en acceptatie van homoseksuelen. Tevens draagt het bij aan een hogere acceptatie.

 

Het valt het SMN op dat er onevenredig veel aandacht is voor de groep homoseksuelen die weggepest worden. Zelden ziet het SMN politici het opnemen voor verreweg de grootste groep, namelijk allochtone Nederlanders die vanwege hun afkomst worden getreiterd en gediscrimineerd.

 

Dit wordt veelal pijnlijk zichtbaar wanneer bijvoorbeeld politici zich publiekelijk uitspreken als het om discriminatie van homoseksuelen gaat, maar zelden staat een politicus op de bres voor een weggepest allochtoon gezin. Meerdere malen heeft het SMN aangegeven dat discriminatie op grond van ras in Nederland nog steeds een erg groot probleem is. Hierover heeft het SMN eerder aan de bel getrokken in het kader van moskeegeweld en eenzijdige focus op de aanpak van discriminatie van dit kabinet. Deze is vooral gericht op de aanpak van homodiscriminatie en antisemitisme. Het lijkt alsof racisme, de meest voorkomende vorm van discriminatie, voor dit kabinet geen prioriteit heeft. Met dit onderzoek blijkt nogmaals dat de feiten uitnodigen tot een bredere focus en beeldvorming op de aanpak van discriminatie in Nederland.

 

Allochtonen zijn steeds vaker slachtoffer van pesterijen en discriminatie en hebben ook recht op steun van politici. En andersom geredeneerd, zijn autochtone Nederlanders dus vaker de dader van discriminatie. Dit feit en besef hoort ook thuis in een open discussie over benoemen en aanpakken van discriminatie, in welke vorm dan ook.

Oproep: Herdenk Auschwitz

Het Samenwerkingsverband van Marokkanen in Nederland (SMN) en de Raad Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) roepen Marokkaans-Nederlandse moslims en niet-moslims in de naam van vrede, respect en solidariteit op om as. zondag 25 januari aanwezig te zijn bij de Auschwitz-herdenking in Amsterdam.

Zeg ook Nee en steun Ali Eddaoudi

Het SMN roept u op om ook NEE te zeggen tegen de uitholling van de vrijheid van meningsuiting en uw steun te betuigen aan Ali Eddaoudi.

Stem op 4 juni voor non-discriminatie, gelijke behandeling en diversiteit

Op 4 juni 2009 worden de verkiezingen voor het Europees Parlement gehouden. Het SMN vindt het net als Platform Artikel 13 belangrijk dat bij het maken van Europees beleid voldoende aandacht is voor non-discriminatie, gelijke behandeling en diversiteit. U toch ook?

Discriminatie in Nederland aan de top

Nederland kent het hoogste percentage mensen dat vindt dat er discriminatie op grond van etniciteit plaatsvindt (80%) en ook het hoogste percentage mensen dat zegt getuige te zijn geweest van discriminatie (19%).

Liever Mark dan Mohammed

De kans dat Marokkaanse, Turkse of Surinaamse sollicitanten voor een gesprek worden uitgenodigd is 7 procent lager dan die van autochtone sollicitanten met precies hetzelfde profiel. Dat blijkt uit een onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau met zogenoemde praktijktests.